Helft jonge holebi's en transgenders vindt het lastig om uit de kast te komen.



De helft van de Nederlandse holebi en transgender+ jongeren vindt het lastig om uit de kast te komen. Een coming out kan veel voor iemand betekenen, maar zo'n 89 procent zou het liefste zien dat het niet nodig zou zijn om uit de kast te komen. "In een ideale wereld hoef je niet uit de kast te komen, maar zo ver zijn we, zelfs in 2020, helaas nog niet."

Dat blijkt uit onderzoek van 3Vraagt, in aanloop naar de Pride Week op 3FM en NPO 3 (27 juli t/m 1 augustus). Zeven op de tien jonge Nederlandse holebi en transgender+ personen gaven in het onderzoek aan dat de meeste mensen in hun omgeving weten van hun seksuele geaardheid of genderidentiteit. Bij drie op de tien weet bijna óf helemaal niemand het. Van de jongeren die het hebben verteld, vond meer dan de helft (53 procent) het moeilijk om dat te doen. Ze waren zenuwachtig voor de reactie van familie, vrienden of andere mensen. 45 procent vond het makkelijk om te vertellen.

Is uit de kast komen nodig?
Negen op de tien jonge Nederlandse holebi en transgender+ personen vinden dat het niet nodig zou moeten zijn om uit de kast te komen. Volgens hen is het vooral een maatschappelijke verwachting dat je het vertelt als je niet in het hokje cisgender (mensen van wie de genderidentiteit overeenkomt met hun geboortegeslacht) of hetero past. "Het voelt alsof je het moet meedelen als je afwijkt van de 'norm'. Laten we gewoon stoppen met de aanname dat iedereen cis-hetero is." stelt een deelnemer voor. En iemand anders schrijft: "In een ideale wereld hoef je niet uit de kast te komen, maar zolang de samenleving heteronormatief is, zijn we daar nog niet."

Toch willen jonge holebi en transgender+ personen het belang van een coming-out niet zomaar wegwuiven en onderstrepen ze dat het voor iemand veel kan beteken. Door open te zijn over je seksuele geaardheid of genderidentiteit is er ruimte om erover te praten, het verder te onderzoeken en gelijkgestemden te ontmoeten. Tweederde vindt dat uit de kast komen een belangrijk moment is. Een van de deelnemers: "Op dat moment stapte ik voor mijn gevoel uit een 'geheim leven' en accepteerde ik ook voor mezelf dat ik homo ben. Daarna kon ik echt zijn wie ik ben." Een ander: "Voor mij was het heel belangrijk om uit de kast te komen als transgender, omdat het een nieuwe stap was in mijn transitie. Pas vanaf dat moment kon ik mijn nieuwe naam gebruiken.”

Blijvend uit de kast komen
Veel jonge holebi en transgender+ pesonen benadrukken dat uit de kast komen niet iets eenmaligs is. "Overal waar je nieuwe mensen ontmoet, komt er een moment dat ze vragen of je een relatie hebt of aan het daten bent. Dan moet ik, vaak geforceerd, vertellen dat ik op vrouwen val omdat mensen ervan uitgaan dat je hetero bent," schrijft iemand.

Niet specifiek benoemen
Zes op de tien holebi's en transgenders vertellen dat ze liever zeggen dat ze een vriend of vriendin hebben, dan dat ze uitspreken homo, lesbisch of bi te zijn. Ze vinden het overbodig om hun seksuele oriëntatie expliciet te moeten benoemen: "Ik hou niet van labels. Waarom moet ik zeggen dat ik homo bent? Ik heb een vriend, en dat is gewoon normaal." Een op de vijf is het daar niet mee eens: "Ik zeg gewoon dat ik lesbisch ben! Ik ben trots op wie ik ben en op wie ik val!



Bron: human.nl & holebi info - Juli 2020.

Dit bericht is gepost op 27 July, 2020 en 3527 keer gelezen.



Reageer op dit bericht: